Skip to content

Chapters

Works

5:

ZOALS DE OUDSTEN ZEGGEN: zij die een plaats in de hemel waardig geacht worden, zullen daarheen gaan, anderen zullen de verrukkingen van het Paradijs genieten, en weer anderen zullen de pracht van de stad bezitten; want overal zal de Verlosser gezien worden, al naar gelang hoe waardig zij zijn die Hem zien. Er is een onderscheid tussen de woning van hen die honderdvoudig voortbrengen, hen die zestigvoudig voortbrengen en hen die dertigvoudig voortbrengen. De eerste groep zal worden opgenomen in de hemelen, de tweede zal in het Paradijs wonen en de laatste zal de stad bewonen. Daarom zei de Heer: "In het huis van mijn Vader zijn vele woningen", want alles behoort toe aan God, die aan allen een passende woning geeft, zoals Zijn woord zegt, dat aan ieder een aandeel wordt gegeven naar zijn waardigheid. Dit is de plaats waar zij zullen rusten die voor het bruiloftsmaal zijn uitgenodigd. De oudsten, die de discipelen van de apostelen zijn, zeggen dat dit de orde en ordening is van hen die gered worden, en dat zij vooruitgaan door stappen van deze aard; zij stijgen op door de Geest naar de Zoon, en door de Zoon naar de Vader; te zijner tijd zal de Zoon Zijn werk overgeven aan de Vader, zoals de apostel zegt: "Want Hij moet regeren totdat Hij alle vijanden onder Zijn voeten heeft gelegd. De laatste vijand die vernietigd zal worden, is de dood." Want in de tijd van het koninkrijk zal de rechtvaardige op aarde vergeten te sterven. "Als Hij zegt dat alle dingen onder Hem gesteld zijn, is het duidelijk dat Hij die alles onder Hem gesteld heeft, uitgezonderd is. Wanneer alle dingen aan Hem onderworpen zijn, dan zal ook de Zoon onderworpen zijn aan Hem die alles onder Hem gesteld heeft, zodat God alles in allen zal zijn."

Works